Stage en praktijk VSO

In het VSO is stage een belangrijk onderdeel van het leerstofaanbod. Binnen het VSO zijn er verschillende vormen van stages en praktijkvakken. De stagevormen zijn onderverdeeld in een interne stage, leren op locatie stage en externe stage.

Interne stage
De interne stages worden opgestart in beroepsgerichte fase 1. Leerlingen lopen dan onder de begeleiding van een onderwijsassistent 1 dag per week stage. De stage wordt gevolgd aan de hand van een stagevolgsysteem. De stagiair(e) heeft een stagemap met daarin de leerdoelen gericht op de algemene werknemersvaardigheden. De onderwijsassistent vult na elke stagedag het observatieformulier leergedrag in samen met de leerling en na elke blokwijziging wordt het leerlingvolgsysteem ingevuld door de leerkracht.
Interne stages vinden plaats binnen de schoolafdeling en in het multifunctionele centrum ‘Het  Schakelveld’.

Leren op locatie stage
De leren op locatie stages (lol) vinden plaats op een locatie buiten school en worden begeleid door een onderwijsassistent. In beroepsgerichte fase 2 worden de leren-op-locatie stages opgestart voor leerroute A en B en eventueel leerroute C. Leerlingen in leerroute D, en een aantal leerlingen in leerroute C vervolgen de interne stage. 
In de beroepsgerichte fase 2 lopen leerlingen maximaal 2 dagen stage waarvan 1 à 2 dagen worden ingevuld met een leren op locatie stage. Ook voor de leren op locatie stage geldt een stagevolgsysteem. De stagiair(e) heeft een stage map met daarin de leerdoelen gericht op de algemene werknemersvaardigheden.
De onderwijsassistent vult na elke stagedag het observatieformulier leergedrag in samen met de stagiair(e) en na elke blokwijziging wordt het leerlingvolgsysteem ingevuld door de leerkracht.

Externe stage
De leerlingen starten in de transitiefase met externe stages. Alle leerlingen lopen externe stage. Deze stages worden begeleid door de werkplekbegeleider en overkoepelend door de stagecoördinator en vinden plaats op een plek buiten school zonder begeleiding van school. Daarnaast is de mentor van de leerling betrokken bij het hele proces. In de transitiefase lopen leerlingen 3 à 4 dagen stage. Een groot deel hiervan is externe stage. De stages worden gevolgd doordat de stagiair(e) een eigen stageboek hanteert met opdrachten. Deze opdrachten kunnen met de externe stagebegeleider besproken worden en op school verwerkt. Er zijn ook opdrachten die tijdens coachgesprekken met de eigen mentor besproken kunnen worden.
De stagecoördinator bespreekt de stagiair elke 6-8 weken met de werkbegeleider en draagt de vorderingen over aan de mentor en deze verwerkt de behaalde doelen in het leerlingvolgsysteem.