Begeleid Ontdekkend Leren (BOL)

Wij willen dat onze leerlingen bij het verlaten van de school zo zelfstandig mogelijk kunnen participeren in de maatschappij op het gebied van wonen, werken en vrije tijd.

Hierbij gaan wij uit van de mogelijkheden in plaats van de beperkingen

(Schoolplan 2015-2019, 2015)

 

Op onze school gaan wij er van uit dat zelfstandig functioneren niet alleen te maken heeft met toetsresultaten, maar dat een leerling een compleet persoon is. Wij handelen dan ook vanuit vier domeinen: verstandelijke vermogens, schoolse vaardigheden, (sociaal) emotionele ontwikkeling en adaptief functioneren. Het adaptief functioneren bepaalt in hoeverre een leerling het geleerde kan toepassen binnen andere momenten in zijn/haar leven (generalisatie). Als een leerling heeft geleerd te lezen en hierdoor een recept kan lezen, betekent dit niet automatisch dat er daarna een complete maaltijd op tafel komt te staan. De leerling moet niet alleen verschillende taken uitvoeren die het recept aangeeft (domeinspecifieke taken), maar ook moet de leerling bedenken hoe je al die taken vervolgens aanpakt (zelfregulatie). Het is een behoorlijk complexe taak om alle onderdelen van een maaltijd tegelijk klaar te hebben. Hiervoor heeft ieder mens strategieën aangeleerd, die we in meer of mindere mate beheersen. Dit noemen we zelfregulerend leren. Leerlingen met een verstandelijke beperking doen dat niet vanzelf. Speciaal onderwijs heeft de taak om hierop te sturen: we geven niet alleen les in bijvoorbeeld lezen, koken en rekenen, maar we geven ook instructie om leerlingen te leren hoe ze taken kunnen aanpakken. Tenslotte leren onze leerlingen ook niet vanzelf lezen, maar gaan daar jaren van training en oefening aan vooraf.     

Op onze school vindt zelfregulerend leren structureel plaats op het SO en het VSO door middel van het Begeleid Ontdekkend Leren (BOL). De drie belangrijkste doelen van het BOL zijn: het versterken van denkvaardigheden, het doen afnemen van aangeleerde hulpeloosheid van kinderen met een verstandelijke beperking en het doen afnemen van het hulverlenerssyndroom. De denkvaardigheden van BOL zijn 'voorspellen', ‘plannen’, ‘monitoren’ en ‘evalueren‘. Ze worden visueel gemaakt door denklichtjes. De methodiek is goed in te zetten tijdens praktische lessen. De volwassene schat in wat de leerling (aan)kan, stelt gerichte denkvragen (wat, hoe) en neemt steeds meer afstand als dit mogelijk is.